zaterdag 12 februari 2011

Heb jij dat ook?


Oude foto’s vinden hun weg. En ik zie met andere ogen.



Op mijn schoot ligt mijn eerste hond. Een pup nog, onzeker, bang voor de grote wereld en kent nog zo weinig. Hij vertrouwd me. Hij laat zich door me leiden.
We starten daar samen een ander pad dan wat daarvoor lag.

Nu ligt hij naast me. De jonge hond in ons huis heeft respect voor zijn wijsheid, leeftijd en laat zich door hem leiden. Geschiedenis herhaalt zich.
Ik vang zijn getrouwe blik, en zou wat meer van zijn rust wensen.
Hij is nog niet oud, verre van. Net als ik staan we er midden in.

En toch.

Om me heen zijn ze……………
Een kind dat geen kind meer is en praat over op zichzelf gaan en in onzekere stappen hulp vraagt om dat te organiseren.
Mijn baby die allang geen baby meer is en leeft in de wereld van ik, mezelf en mij.
“kan ik zelluf mama!” al slaapt hij nog in dat grote bed met al zijn knuffels en kan mama’s zoen niet ontberen. En toch…………… hij wordt al zo groot!

Vrienden die naar hun lief vliegen, in dezelfde, andere, wereld als waar ik ooit was. Ik nam de trein.
Van vrienden terugkomend midden in de nacht en dan nog even de kroeg induiken omdat ze nog even een verjaardag meepikken willen. In de ochtend in bed rollen en een paar uur later maar, praten ze met je alsof er niets aan de hand is.
Avondjes  uit, kroegje hier, hobby’s die van droom werkelijkheid worden.
En lachen met de occasional flirt hier of daar.
Ik ontken nergens de pijn van de rugzak die ze soms nu al meesjouwen, of harten gebroken. Maar zie de veerkracht van jonge atletische lijven en nog zoveel voor ze om te genieten.

Aan de andere kant…
Mannen aan een tafel. Rondom flessen whisky, verloren vrienden en een giga berg aan herinneringen. Met Blondy als idool van ooit, als het eerste concert waar sommigen van hen zullen gaan komende juni.
Stil zitten, luister en verbaas me. Maar één decennium verschil, het lijkt opeens zoveel meer.
Een van hen is mijn man, en even voel ik zover weg.

Ik bevind me in het midden.
Verlang terug naar de jaren van atletisch jong, en bewonder de grijze opschudding van eerste popconcert van even oud idool.

Waar ben ik eigenlijk?

Ik lach de kraaienpoten onzichtbaar, smeer de veerkracht dagelijks met olie van vriendschap en liefde.
Het leven protesteert met regelmaat, als traanzout de erosie tart, beetje krom misschien, een bluts hier en daar, maar de moter ronkt gestaag.
En geniet de avonturen die op me wachten.
Er is nog zoveel niet gedaan, nog genoeg dromen te leven.

Twee werelden, ik dein mee met het ene en rem soms een beetje het andere.

IK LEEF

Geen opmerkingen:

Een reactie posten